Medisch handelen is handelen tussen twee of meer mensen. Een arts of verpleegkundige geeft met dat handelen antwoord op een
verzoek om hulp. De hulpvraag wordt meestal gesteld tijdens de ontmoeting tussen hulpverlener en hulpvrager, dat wil zeggen
in een proces van communicatie. De vraag hoeft niet eens expliciet gesteld te zijn: in een noodgeval, omdat de hulpvrager
het bewustzijn heeft verloren, of omdat er geen tijd te verliezen is vanwege direct levensgevaar. Dan wordt de hulpvraag toch
verondersteld om hulp te kunnen bieden. Hulp bieden is communicatie en veronderstelt communicatie.
In elk menselijk contact wordt gecommuniceerd. Mensen kunnen niet niet-communiceren. Onder communicatie verstaan we meestal
een gesprek, dus verbale communicatie; maar ook een blik of houding communicereert: non-verbaal. Communicatie in de relatie
met een patiënt is voor een hulpverlener vaak zo vanzelfsprekend dat het morele belang ervan wordt onderschat of veronachtzaamd.
Het communiceren heeft echter belangrijke ethische aspecten. Morele regels geven bijvoorbeeld aan hoe de patiënt behoort te
worden benaderd. Ethische protocollen in instellingen dienen om de omgang en de communicatie met patiënten en verschillende
hulpverleners te structureren. Moreel beraad draagt daaraan eveneens bij. Goede zorg is kortom: goed communiceren.